Over GAC

1957-1966

De sintelbaan (voorloper van de kunststof atletiekbaan, gemaakt van gemalen steen) op het Gemeentelijk Sportpark wordt slechter en slechter. Daar werd een lied over gezongen op de jaarlijkse feestavond van de club, ‘de Revu’:

“De sintelbaan, de sintelbaan, waar kleine bloempjes groeien,
Daar trainen de jongens door berg en dal....”

Tijdens trainingen op het Gemeentelijk Sportpark kon de GAC gebruik maken van de kleedkamers onder de Dudok tribune, dit was mogelijk door toedoen van de toemalige directeur,  de heer G.H. de Jong.  Verder werd ook gebruik gemaakt van de faciliteiten van het marine opleidings kamp Hilversum (MOKH). Als dank zijn zowel G.H. de Jong en de commandant MOKH op 27 februari 1957 benoemd tot lid  van verdienste van de GAC. 

In 1957 krijgen we een nieuw clubhuis op het sportcomplex bij Anna’s Hoeve. Op 20 oktober wordt het kleine stenen gebouwtje in gebruik genomen en worden meteen plannen gemaakt om er naast een heel nieuw gebouw te maken. Dat kreeg de naam Dribbeloord en werd in 1959 geopend: “met een echte keuken, met gezellige tafels en stoelen, met flessengas, neonlampen en blauwe gordijnen.”

Hoogtepunt in 1958 is de jeugdinterland Nederland-Duitsland die de G.A.C. organiseerde. “Alleen regende het op de ochtend van de wedstrijd zo hevig dat die mooie nieuwe baan gedeeltelijk onder water kwam te staan en allerlei manieren bedacht moesten worden hem droog te krijgen.”

De contacten met Epsom & Ewell zijn in deze tijd verflauwd, maar via voorzitter Jan Kamlag vindt de club een nieuwe internationale uitdaging. Twee keer komen atleten uit Schwetzingen bij Heidelberg naar Hilversum en twee keer gaan G.A.C.-ers naar Duitsland ( 1960-1961-1962-1964).

Met 284 leden is de club in 1960 de derde atletiekvereniging van Nederland. Die groei kwam mede door het instellen van een ‘welpen-afdeling’. Jan van Herpen brengt de jongens-afdeling tot bloei. Hij gaat met de ploeg kamperen en stimuleerde activiteiten buiten de gewone atletieknummers om: een Tienkamp bestaand uit onderdelen zoals darts, midget-golf, sjoelen, tafeltennis en zwemmen.

Dini Hobers werd door clubarchievaris Piet de Gruijl wel ‘onze Drentse atlete’ genoemd, wegens haar afkomst. Ze was meerkampster en speerwerpster. In die laatste discipline werd Dini zes keer kampioen van Nederland en in 1960 mocht ze naar de Olympische Spelen in Rome.

Onze club zou nooit zijn omvang hebben gekregen als 20 oktober 1962 niet had plaatsgevonden. Op die gedenkwaardige datum ging de HP-ploeg van start. Recreatiesport was een vrij nieuw begrip en bij de G.A.C. werd begonnen met de Heren Plezier Ploeg. Op die eerste zaterdagochtend meldden zich veertig man – “heren, die –al wat ouder– wekelijks gedurende 1½ uur in het bos zouden trainen gewoon om fit te blijven en dus niet om aan wedstrijden mee te doen”. Trainer was Jan van Herpen.

Twee weken na de start van HP kwamen de eerste vragen of vrouwen niet ook mee mochten doen. Jan van Herpen stelt voor om deze groep ‘Vrouw Holle’ te noemen, maar dat idee wordt niet overgenomen. Op 8 december gaan de eerste vrouwen van start onder aanvoering van Jaap Lens.

Voorzitter Jan Kamlag schenkt de club bij zijn aftreden “uitbreiding van Dribbeloord en drie douches aldaar”. Het jaarverslag meldt dat de sportieve prestaties tegenvallen, met als grote uitzondering Jannie van Eyck-Vos die in 1956 al Nederlands kampioen speerwerpen was geweest. In 1962 werd ze international en haar hoogtepunt kwam op de Olympische Spelen van 1964. In Tokio liep ze op de 800 m een persoonlijk record van 2:05’7. In 1966 wordt ze ook op de 800 m Nederlands kampioen.

Het ledenaantal blijft groeien en stijgt tot boven de 400 in 1965. In datzelfde jaar is de G.A.C. verantwoordelijk voor de organisatie van een nieuw evenement: de A.V.R.O.-cross die startte op de oude Paardendrafbaan (waar nu het kantoor van Nike staat). Waarschijnlijk was dit het eerste massale recreatieloopsport evenement van Nederland dat duizenden deelnemers trok die 5 km door de natuur van de Laapersheide renden. De cross was een idee van sportverslaggever Dick van Rijn van de A.V.R.O., die ook voorzitter van de G.A.C. is geweest.

In 1966 fuseren VIF en G.A.C. – na een scheiding van 13 jaar. Door die fusie komen ook de VIF-records weer op onze erelijst te staan. Eén daarvan verdient een extra vermelding: Wim Lam met zijn 9:22,4 op de 3000 meter steeple chase, Gelopen in 1956 in Antwerpen, tijdens een landenwedstrijd België-Nederland. Dat was een NR in die tijd.